Lier, 24 juli 2026: Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts investeert 327.500 euro in het stadhuis en het 14de-eeuwse belfort van Lier. Dankzij deze Vlaamse steun kunnen een hele reeks technische onderhoudswerken uitgevoerd worden. Door tijdig onderhoud uit te voeren blijft dit waardevolle erfgoed in topconditie en kunnen grote en veel duurdere restauratiecampagnes vermeden worden.
“Belforten zoals ook Lier er een heeft zijn bakens van het Verhaal van Vlaanderen. Hetzelfde geldt voor het stadhuis, dat oorspronkelijk een lakenhal was”, zegt Weyts. “Lier mag trots zijn op zijn rijke geschiedenis, maar de stad kan alleen trots blijven als we goed zorg dragen voor dit soort monumenten. We investeren nu zodat we fier op dat van hier kunnen blijven”.
Op de Grote Markt van Lier vind je UNESCO-werelderfgoed: het 42 meter hoge belfort uit 1369. Ernaast staat het stadhuis, op de plek waar in de 14de eeuw de lakenhal gebouwd werd, toen de lakenhandel grote welvaart naar de stad bracht. Ook de stadsmagistraat was daar gevestigd en in de 15de eeuw groeide de hal uit tot een volwaardig stadhuis. Drie eeuwen later kreeg bouwmeester Jan Pieter van Baurscheidt de opdracht het stadhuis grondig te vernieuwen.
Van Baurscheidt is ook bekend als bouwmeester van het Koninklijk Paleis op de Meir in Antwerpen en de torenbekapping van de Sint-Gummarustoren in Lier. In 1740 realiseerde hij een vrijwel volledig nieuw stadhuis in Brabantse rococostijl. Een recente inspectie door Monumentenwacht heeft echter aangetoond dat het stadhuis en het belfort baat zouden hebben bij een reeks onderhoudswerken om het gebouw ook de komende jaren in optimale conditie te houden.
Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Ben Weyts investeert nu 327.500 euro in het stadhuis en het belfort van Lier. Met deze Vlaamse steun worden een hele resem technische onderhoudswerken uitgevoerd om de goede staat van dit erfgoed te kunnen waarborgen. De werken vinden plaats aan zowel het stadhuis zelf als aan de 14de-eeuwse belforttoren, die als UNESCO-Werelderfgoed sowieso goede opvolging vereist. De totale kostprijs werd geraamd op 482.000 euro, waarvan Vlaanderen via het Agentschap Onroerend Erfgoed 68% voor zijn rekening neemt. De overige kosten worden gedragen door de Stad Lier. Dit soort onderhoudswerken zijn essentieel om de conditie van het gebouw te bewaken en problemen tijdig aan te pakken. Zo kunnen ingrijpende en veel duurdere restauraties vermeden worden. De voorbije zes jaar werden daarom ook al vier kleinere restauratiecampagnes uitgevoerd, waarvoor Vlaanderen in totaal 72.000 euro heeft uitgetrokken.
“Het belfort en het stadhuis zijn de trots van Lier. We gaan het verval hier dus voor zijn en op tijd investeren in onderhoud”, zegt minister Ben Weyts. “In Lier hebben ze goed begrepen dat je net veel geld kan uitsparen door gewoon goed zorg te dragen voor je erfgoed. Zo hou je monumenten veel langer in ere”.
“Voor de Lierenaars is het Belfort veel meer dan een gebouw: het is een herkenningspunt, een bron van trots en een sterk symbool van ons middeleeuwse verleden. Het is niet toevallig erkend als UNESCO-werelderfgoed”, zegt schepen van Onroerend erfgoed Charlotte Schwagten. “Met deze restauratie zorgen we ervoor dat dit erfgoed met de nodige zorg wordt doorgegeven aan de volgende generaties. Investeren in dit monument is investeren in ons verleden, maar evenzeer in onze toekomst”.
(MSL/foto’s archief MSL)